“Probleem houtstook wordt onderschat”

Gezellig, zo’n ronkend houtkacheltje in de wintermaanden. Maar het veroorzaakt meer overlast dan stokers in de gaten hebben. Na verkeer is houtstook de belangrijkste emissiebron van fijnstof.

Ongeveer één miljoen mensen hebben in ons land een houtkachel of open haard. Uit recent onderzoek van het RIVM blijkt dat ruim een kwart van de bevolking ‘ernstige tot enige overlast’ ervaart van openhaarden en houtkachels (vanwege geur, rook en stof). Kijken we naar verkeer, industrie, veeteelt en huishoudens dan veroorzaakt houtstook door particulieren 29% van de totale emissie van fijnstof (zo stelt het Planbureau voor de Leefomgeving in een onderzoek uit 2020 naar uitstoot van luchtverontreinigende stoffen).Deze cijfers plaatsen houtstokers voor een dilemma. Afscheid nemen van de houtkachel? Minder stoken? Twee op de drie houtstokers zegt rekening te willen houden met de buren als die last hebben van de rook. Een flinke stap voorwaarts is: goed stoken. Goede verbranding houdt uitstoot van schadelijke stoffen laag. En een goede verspreiding zorgt ervoor dat de resterende emissies afdoende verdund worden in de atmosfeer. Vijf tips om te zorgen voor de minste uitstoot:

  • Stook alleen droog hout
    Vochtig hout brandt niet goed en geeft extra veel rook en fijnstof. Zelf hout hakken? Droog het hout minstens 2 jaar. Gebruik een vochtmeter om te meten of het hout droog genoeg is. Het vochtgehalte mag maximaal 15% zijn.
  • Stook geen geïmpregneerd of geverfd hout
    Bij de verbranding van bewerkt hout komen er zware metalen vrij. In (spaan)plaat en laminaat zit veel lijm. Ook die horen daarom níét in de houtkachel of open haard.
  • Laat de open haard uit bij windstil of mistig weer
    Bij windstil of mistig weer blijft de rook tussen de huizen hangen. Meer informatie over weersomstandigheden en stoken is te vinden op stookwijzer.nu. Let ook op stookalerts. Het RIVM geeft een stookalert af bij ongunstig weer of een slechte luchtkwaliteit.
  • Zet luchttoevoer kachel helemaal open
    Als er genoeg zuurstof is kan het hout kan beter verbranden. Schuif de luchttoevoerklep nooit dicht om het vuur te ‘smoren’. Het hout verbrandt dan niet volledig en daardoor ontstaan er extra veel schadelijke stoffen, zoals koolmonoxide. Zorg voor voldoende aanvoer van verse lucht in de kamer. Zet ventilatieroosters open tijdens het stoken open.
  • Laat de schoorsteen minstens één keer per jaar vegen
    Een schone schoorsteen is ook van belang. Op tijd vegen verkleint de kans een schoorsteenbrand.

Gemeenten zijn aan zet
Duidelijke wettelijke regels voor houtstook zijn er niet. Voor blootstelling aan schadelijke stoffen zijn grenswaarden geformuleerd voor industrie en verkeer, niet voor particulieren. Het Bouwbesluit biedt nauwelijks aanknopingspunten om overlast van houtstook tegen te gaan. Wat er wordt gezegd is gericht op de veiligheid van de stoker. Het is aan gemeenten om zelf regels te formuleren.

Claudia van Drunen, specialist geur- en emissiemetingen van de OMWB: “Er zijn gemeenten die echt wel iets willen doen, maar niet goed weten hoe. Afgelopen najaar hebben de provincie Noord-Brabant en steden als Breda, Tilburg en Waalwijk het landelijke Schone Lucht Akkoord (SLA) ondertekend. Daarin speelt houtstook ook een rol met betrekking tot het leefklimaat (geur en fijnstof) en de overlast voor longpatiënten. Neem de gemeente Tilburg; die kondigde in 2019 aan om met een actieplan te komen voor houtstook, maar dat plan laat nog steeds op zich wachten. Blijkbaar is het lastig om in de bestaande regelgeving houvast te vinden.

Als OMWB willen we helpen om dat Schone Lucht Akkoord mee invulling te geven. Omgevingsdiensten hebben veel kennis van luchtkwaliteit. Die meten we continu. Onze onderzoeken waren in het verleden sterk op de uitstoot van het bedrijfsleven gericht, maar ons werkterrein is zich aan het verbreden. Daardoor komt ook particuliere houtstook meer en meer in ons vizier. Daar willen we ook echt iets mee, omdat het de luchtkwaliteit in de leefomgeving aantast. De Brabantse omgevingsdiensten hebben daarover ook contact met elkaar. Normaal gesproken wachten we op concrete opdrachten van gemeenten. Bij het houtstook-probleem is een soort kip-ei situatie ontstaan. Iedereen wacht af omdat er geen beleid is geformuleerd of een vastgesteld hinderniveau in de leefomgeving. Dat willen we als OMWB doorbreken. We willen een protocol maken voor gemeenten dat ze kunnen gebruiken om de situatie op korte termijn te verbeteren. Ook kunnen ze het protocol gebruiken om beleid te maken voor houtstook.”

Meer lezen over ons werk?

Meld je aan voor ons digitale magazine OMWB [in beeld]